Verordening geneeskundige verzorging van 28-7-2003

Résumé: Numac tekst: 2003022831
Gewijzigde numac: 2023048049

Note: Tekst bijgewerkt tot: B.S. 12-12-2023

Hoofdstuk - Afdelingen 1 tot 4 - Art. 15 tot 18: Opgeheven door: Besluit van de Vlaamse Regering van 30-11-2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming - B.S. 28-12 - art. 626


HOOFDSTUK XV/1. - MODALITEITEN VAN ELEKTRONISCHE LEZING VAN EEN IDENTIEITSDOCUMENT

Afdeling I.- Gemene bepalingen

Onderafdeling I- Inleidende bepaling

Art. 32/1.

Dit hoofdstuk stelt de modaliteiten vast van elektronische lezing van het identiteitsdocument door de zorgverleners die overeenkomstig artikel 53 van de wet verplicht zijn om de identiteit van de patiënt op elektronische wijze te verifiëren om de derdebetalersregeling toe te passen [via een elektronisch netwerk].

Onderafdeling II.- De identiteitsdocumenten

Art. 32/2.

De identiteitsdocumenten die gebruikt kunnen worden om de identiteit te verifiëren zijn, in deze volgorde, de volgende :

- de geldige Belgische elektronische identiteitskaart, de geldige elektronische vreemdelingenkaart of het geldig elektronisch verblijfsdocument;

- het geldig attest van verlies of diefstal van een voormeld document;

- de geldige ISI+-kaart;

- het geldig attest van sociaal verzekerde in de situaties bedoeld in artikel 6 van het koninklijk besluit van 26 februari 2014 tot uitvoering van de wet van 29 januari 2014 houdende bepalingen inzake de sociale identiteitskaart en de ISI+-kaart.

[In geval de rechthebbende geen identiteitsdocument bezit zoals bedoeld in het vorig lid, kan zijn identiteit worden geverifieerd doordat hij zijn identiteit bevestigt via de applicatie Itsme.]

Art. 32/3.

In overeenstemming met de voormelde wet van 29 januari 2014, zijn de sociaal verzekerden ertoe gehouden om de identiteitsdocumenten bedoeld in artikel 32/2 voor te leggen opdat toepassing wordt gemaakt van de derdebetalersregeling.

[In geval de rechthebbende geen identiteitsdocument bezit zoals bedoeld in het vorig lid, kan zijn identiteit worden geverifieerd doordat hij zijn identiteit bevestigt via de applicatie Itsme.]

Onderafdeling III.- Verificatie identiteit

Art. 32/4.

Behoudens andersluidende bepaling, geeft elk contact met de rechthebbende aanleiding tot de elektronische lezing van het identiteitsdocument.

In geval van gebruik van een identiteitsdocument dat een chip omvat, dient de zorgverlener de chip in te lezen.

Als de zorgverlener gebruik maakt van een identiteitsdocument zonder chip of in geval van onbeschikbaarheid van de kaartlezer [of chip], heeft hij de keuze tussen :

- het inlezen van de streepjescode [datamatrix code] indien mogelijk,

- de manuele invoering van de gegevens bepaald in onderafdeling 5.

Art. 32/4/1.

De identiteit van de patiënt wordt geverifieerd voordat de geneeskundige verstrekking wordt verleend.

In afwijking van het vorig lid, kan de identiteit van de patiënt ook worden geverifieerd nadat de geneeskundige verstrekking wordt verleend. In dit geval gaat de zorgverlener over tot de manuele invoering van de gegevens bepaald in onderafdeling 5.

Art. 32/4/2.

In geval de geneeskundige verstrekking wordt verleend aan een rechthebbende jonger dan 3 maanden enerzijds of aan een persoon die recht heeft op de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging op basis van een Europese ziekteverzekeringskaart of S2-formulier anderzijds, dient de identiteit van de patiënt niet te worden geverifieerd.

Onderafdeling IV.- Panne informaticasysteem

Art. 32/5.

Behoudens andersluidende bepaling, kan de zorgverlener, in geval van panne van zijn informaticasysteem, hetzij gebruik maken van het papieren getuigschrift voor verstrekte hulp dat is voorzien voor zijn beroepscategorie hetzij de elektronische facturatie uitstellen. In dit laatste geval, voert hij de gegevens bepaald in onderafdeling 5 op manuele wijze in.

De zorgverleners stellen alles in het werk om de pannes aan hun lezers en/of informaticasystemen zo snel mogelijk te verhelpen of te laten verhelpen.

Onderafdeling V.- Geregistreerde gegevens

Art. 32/6.

Elke elektronische lezing van een identiteitsdocument of vignet []en elke verificatie van de identiteit via de applicatie Itsme geeft aanleiding tot de registratie van de volgende gegevens :

- de aard van het identiteitsdocument (of van het vignet) [of de applicatie Itsme] en, in voorkomend geval, het serienummer van de drager;

[- het type gegevensopvang (lezing van chip of lezing van streepjescode of datamatrix code) of applicatie Itsme;]

- het type gegevensopvang (lezing van chip of lezing van streepjescode) of lezing van Qrcode [of applicatie Itsme];

[- in geval van manuele invoering, de reden hiervan;]

- in geval van gebruik van het vignet, de reden van dit gebruik;

- de datum en het uur van de gegevensopvang.

Art. 32/7.

Als reden voor het gebruik van het vignet moet één van de volgende situaties voorliggen :

- afwezigheid rechthebbende tijdens verstrekking en geen gelijktijdige aanwezigheid rechthebbende en zorgverlener vereist;

- rechthebbende bezit geen identiteitsdocument zoals bedoeld in artikel 32/2.

Art. 32/8.

In geval van manuele invoering [...] geeft de zorgverlener het INSZ van de rechthebbende in alsook in voorkomend geval het serienummer van het identiteitsdocument [...].

Behoudens de manuele invoering bedoeld in artikels 32/4/1 en 32/5 en de manuele invoering wegens gebrek aan interconnectiviteit tussen software, wordt de datum en het uur van de manuele invoering door de zorgverlener van de gegevens bedoeld in de huidige onderafdeling geregistreerd.

De zorgverlener preciseert de reden van de manuele invoering; hiertoe moet één van de volgende situaties voorliggen :

- onbeschikbaarheid van kaartlezer [of chip];

- gebruik identiteitsdocument zonder chip;

- panne informaticasysteem.

[- uitgestelde verificatie zonder panne;]

[- geen interconnectiviteit tussen software.]

[- rechthebbende bezit geen identiteitsmiddel zoals bedoeld in artikel 32/2.]

Art. 32/9.

[Behoudens afwijkende bepaling, kunnen noodzakelijke gegevens in verband met een contact in het verleden niet worden gebruikt, uitgezonderd in geval van een herfacturatie aan de verzekeringsinstelling nadat de geneeskundige verstrekking eerst aan de arbeidsongevallenverzekeraar werd gefactureerd.]

Art. 32/10.

Een kopie van het bewijsstuk uitgereikt aan de patiënt overeenkomstig artikel 53, § 1/2 van de wet en dat overeenstemt met de aangerekende verstrekkingen dient [op elektronische wijze] in verband te worden gebracht met de verificaties van de identiteit uitgevoerd voor deze verstrekkingen en moet gereproduceerd kunnen worden door de zorgverlener.

Afdeling 2.- Modaliteiten van elektronische lezing van een identiteitsdocument door de verpleegkundigen

Art. 32/11.

In de verzorgingsinstellingen waarin de verantwoordelijke van de instelling (of zijn afgevaardigde) de identiteitsdocumenten van de bewoners bewaart, kan de elektronische lezing van alle identiteitsdocumenten door de verpleegkundige gebeuren op de dag dat de verstrekkingen werden verleend nadat alle zorgen werden verleend.

Art. 32/12.

De verzekeringsinstellingen lijsten de gevallen op waarin de verpleegkundige in ten minste 10 % van de verstrekkingen die hij aanrekent bij toepassing van de derdebetalersregeling gebruik maakt van de manuele invoering, het inlezen van de streepjescode of [datamatrix code] zoals bedoeld in artikel 32/4 en het gebruik van het vignet.

Afdeling 3.- Modaliteiten van elektronische lezing van een identiteitsdocument door de ziekenhuizen

Onderafdeling 1.- Toepassingsgebied

Art. 32/13.

Deze afdeling stelt de bijzondere modaliteiten vast van elektronische lezing van het identiteitsdocument door de ziekenhuizen zoals bedoeld in artikel 2 van de wet op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen, gecoördineerd op 10 juli 2008.

De bijzondere modaliteiten in deze afdeling hebben betrekking op de geneeskundige verzorging in het kader van een ziekenhuisopname enerzijds en de ambulante geneeskundige verstrekkingen die worden verleend door een zorgverlener van een ziekenhuis en worden aangerekend door het ziekenhuis anderzijds.

Onderafdeling 2.- Verificatie identiteit bij ziekenhuisopname

Art. 32/14.

In geval de patiënt aan wie de geneeskundige verstrekkingen worden verleend, is opgenomen in een ziekenhuis, wordt zijn identiteitsdocument ingelezen op het ogenblik van zijn opname of uiterlijk binnen de 3 dagen na de opname.

[In geval van ontslagmedicatie, gebeurt de verificatie van de identiteit van de patiënt aan de hand van de noodzakelijke gegevens die werden geregistreerd tijdens de opname die in verband staat met de ontslagmedicatie.]

Art. 32/15.

In afwijking van artikel 32/9 kan het ziekenhuis gegevens in verband met een contact in het verleden hergebruiken in geval de patiënt wordt verzorgd op de spoedafdeling van het ziekenhuis, waarbij zijn identiteit wordt geverifieerd, en vervolgens wordt opgenomen in hetzelfde ziekenhuis ten gevolge van zijn passage op de spoedafdeling.

Onderafdeling 3.- Verificatie identiteit bij ambulante geneeskundige verstrekking

Art. 32/16.

Het identiteitsdocument van de niet in een ziekenhuis opgenomen patiënt, waaraan geneeskundige verstrekkingen worden verleend door zorgverleners binnen het ziekenhuis, wordt ingelezen bij aankomst van de patiënt.

In spoedeisende gevallen kan de lezing van het identiteitsdocument later plaatsvinden op de dag dat de geneeskundige verstrekking wordt verleend.

In geval van een ambulante verstrekking op de spoedafdeling van enkele uren verdeeld over twee dagen, wordt de identiteit van de patiënt één keer geverifieerd. [Hetzelfde geldt in geval van een daghospitalisatie verspreid over 2 dagen.]

Voor ambulante verstrekkingen op de spoedafdeling aan een patiënt die vervolgens wordt opgenomen in hetzelfde ziekenhuis, wordt de identiteit van de patiënt geverifieerd zoals bepaald in artikel 32/14.

[Voor de toepassing van deze onderafdeling wordt de inschrijving via een applicatie van het ziekenhuis gelijkgesteld met de elektronische lezing van een identiteitsdocument als deze applicatie slechts kan worden gebruikt in de nabijheid van het ziekenhuis en het identiteitsdocument van de patiënt werd ingelezen bij zijn eerste bezoek aan het ziekenhuis. Het ziekenhuis beschrijft de werking van de applicatie met inbegrip van de voormelde voorwaarden voor gelijkstelling in een protocol dat wordt bezorgd aan het RIZIV. De inschrijving via een applicatie van het ziekenhuis geeft aanleiding tot registratie van de volgende gegevens: het gebruik van de applicatie en de datum en het uur van de inschrijving via de applicatie.]

Onderafdeling 4.- Inhoud verificatie van identiteit

Art. 32/17.

De lezing van het identiteitsdocument zoals bedoeld in de artikels 32/14 en 32/15 wordt steeds opgevolgd door ten minste één verificatie van de identiteit door een personeelslid van het ziekenhuis op basis van de identiteitsgegevens die werden geregistreerd in het elektronisch patiëntendossier ten gevolge van de lezing.

Elk ziekenhuis beschrijft in een protocol de wijze waarop haar software voorziet dat de ingelezen gegevens worden geregistreerd in het elektronisch patiëntendossier en geraadpleegd worden door het personeel van het ziekenhuis. Dit protocol wordt overgemaakt aan het RIZIV.

Onderafdeling 5.- Prestaties zonder verificatie van identiteit

Art. 32/18.

[De identiteit van de patiënt dient niet te worden geverifieerd voor:

- de prestaties multidisciplinaire consulten zonder aanwezigheid van de patiënt;

- de verstrekkingen op afstand;

- de adviezen zoals bedoeld in Hoofdstuk II van de nomenclatuur zoals bepaald bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen;

- de forfaits parenterale voeding thuis;

- het forfait oncologische basiszorg;

- forfaits die worden aangerekend in het kader van revalidatieovereenkomsten zoals bedoeld in artikels 22, 6° en 23, § 3 van de wet;

- thuishospitalisatie;

- de prestatie die wordt verleend aan een patiënt die in een ander ziekenhuis is opgenomen en naar het ziekenhuis van opname terugkeert nadat de prestatie is verleend;

- de prestatie die wordt verleend aan een patiënt die overlijdt en voor de welke geen a posteriori verificatie van de identiteit kon plaatsvinden na uiterlijk 1 maand te rekenen van de prestatie of het begin van de opname;

- dringend ziekenvervoer naar een ziekenhuis dat wordt uitgevoerd en aangerekend door een ander ziekenhuis;

- dialyse bij de patiënt thuis;

- de verstrekkingen/medicatie verricht/toegediend in een medisch urgentie team waarbij de patiënt niet naar het ziekenhuis van het medisch urgentie team wordt gebracht;

- de prestaties klinische biologie, anatomo pathologie en genetica;

- geneesmiddelen die door de apotheek van een ziekenhuis worden afgeleverd aan een rustoord voor bejaarden en door het ziekenhuis worden aangerekend aan het rustoord via het elektronisch facturatiebestand van het ziekenhuis;

- radiofarmaceutische producten die niet konden worden toegediend aan de patiënt;

- sessies door een psycholoog die worden terugbetaald in het kader van de overeenkomst voor terugbetaling van eerstelijns psychologische zorg;

- opvolging door mobiele teams in de geestelijke gezondheidszorg waarbij het ziekenhuis louter de pseudocodes voor begin en einde van deze opvolging en de huisbezoeken van de psychiater factureert.]

Onderafdeling 6.- Recurrente behandelingen

Art. 32/19.

De identiteit van de patiënt dient ten minste één maal per factuur te worden geverifieerd voor:

- behandelingen met chemotherapie;

- behandelingen met radiotherapie zoals bedoeld in artikel 18, § 1 van de nomenclatuur van geneeskundige verstrekkingen;

- behandelingen met immunotherapie;

- honoraria en forfaitaire tegemoetkomingen uit de overeenkomst betreffende de financiering van dialyse;

- geneesmiddelenforfaits MBV1, MBV2 en MBV3 in het kader van in vitro fertilisatie ;

- nabehandeling geestelijke gezondheidszorg;

[- geneesmiddelen in het kader van een behandeling zoals bedoeld in dit artikel.]

Onderafdeling 7.- Uitgestelde verificatie

Art. 32/20.

In afwijking van artikel 32/4/1, tweede lid, kan het ziekenhuis, behoudens voor prestaties verpleegkunde, de identiteit van de patiënt ook op een andere manier verifiëren dan de manuele invoering van de gegevens bedoeld in afdeling 1, onderafdeling 5, in geval de identiteit van de patiënt wordt geverifieerd nadat de geneeskundige verstrekking werd verleend.


Fichiers annexes

AnnexeEn vigueur le
* Bijlage 01 01/07/2015
* Bijlage 02 01/09/2003
* Bijlage 03 01/10/2017
* Bijlage 04 01/09/2003
* Bijlage 05A 01/12/2023
Bijlage 05A 01/09/2023
Bijlage 05A 01/05/2015
* Bijlage 05B 01/09/2023
Bijlage 05B 04/07/2019
Bijlage 05B 01/01/2017
* Bijlage 05C 01/07/2022
* Bijlage 06 01/06/2012
* Bijlage 07 01/07/2015
* Bijlage 08 01/07/2015
* Bijlage 09 01/07/2015
* Bijlage 10 01/07/2015
* Bijlage 11 01/07/2015
* Bijlage 12 01/10/2021
Bijlage 12 01/10/2016
Bijlage 12 01/07/2015
* Bijlage 13 01/04/2021
* Bijlage 13BIS 01/07/2015
* Bijlage 13ter 01/04/2021
* Bijlage 14 01/07/2015
* Bijlage 15 01/05/2020
* Bijlage 15bis 01/09/2015
* Bijlage 15quater 01/09/2015
* Bijlage 15quinquies 01/10/2023
* Bijlage 15ter 01/09/2015
* Bijlage 16 01/09/2003
* Bijlage 17 01/10/2021
Bijlage 17 01/01/2021
Bijlage 17 01/01/2013
* Bijlage 17BIS 01/01/2013
* Bijlage 18 01/03/2012
* Bijlage 18A 01/03/2012
* Bijlage 18B 01/03/2012
* Bijlage 19 01/06/2014
* Bijlage 19BIS 01/01/2013
* Bijlage 19TER 01/05/2015
* Bijlage 20 01/03/2017
Bijlage 20 01/05/2015
* Bijlage 21 01/04/2015
* Bijlage 21BIS 01/09/2003
* Bijlage 21QUATER 01/02/2021
* Bijlage 21TER 01/02/2021
* Bijlage 22 01/07/2015
* Bijlage 23 01/07/2015
* Bijlage 24 01/07/2015
* Bijlage 25 01/07/2015
* Bijlage 26 01/07/2015
* Bijlage 26-2 01/12/2022
* Bijlage 27 01/07/2015
* Bijlage 28 01/07/2015
* Bijlage 29 01/11/2019
Bijlage 29 01/09/2003
* Bijlage 30 01/01/2016
* Bijlage 30bis 01/04/2010
* Bijlage 31 01/09/2003
* Bijlage 32 01/09/2003
* Bijlage 33A 14/08/2008
* Bijlage 33B 14/08/2008
* Bijlage 33C 14/08/2008
* Bijlage 33D 14/08/2008
* Bijlage 33E 01/09/2003
* Bijlage 34A 01/09/2003
* Bijlage 34B 01/09/2003
* Bijlage 34C 01/09/2003
* Bijlage 35A 01/09/2003
* Bijlage 35B 01/09/2003
* Bijlage 36 01/09/2003
* Bijlage 37 01/07/2023
Bijlage 37 01/01/2019
Bijlage 37 01/01/2018
Bijlage 37 01/10/2016
Bijlage 37 01/01/2016
* Bijlage 37bis 01/10/2016
Bijlage 37bis 01/01/2016
* Bijlage 38 01/01/2019
* Bijlage 39 01/09/2003
* Bijlage 40A 01/01/2013
* Bijlage 40B 01/01/2013
* Bijlage 40C 01/01/2013
* Bijlage 41 01/01/2013
* Bijlage 42 01/09/2003
* Bijlage 43 01/04/2016
* Bijlage 43bis 01/04/2016
* Bijlage 44A 01/01/2013
* Bijlage 44B 01/01/2013
* Bijlage 44bis 01/01/2013
* Bijlage 44C 01/01/2013
* Bijlage 45 01/04/2007
* Bijlage 46A 01/09/2003
* Bijlage 46B 01/09/2003
* Bijlage 46C 01/09/2003
* Bijlage 46D 01/09/2003
* Bijlage 47 01/09/2003
* Bijlage 48A 01/09/2003
* Bijlage 48B 01/09/2003
* Bijlage 48C 01/09/2003
* Bijlage 49 01/07/2015
* Bijlage 50A 01/09/2003
* Bijlage 50B 01/09/2003
* Bijlage 50C 01/09/2003
* Bijlage 51A 01/09/2003
* Bijlage 51B 01/09/2003
* Bijlage 52 01/01/2015
* Bijlage 53 01/09/2003
* Bijlage 54 01/09/2003
* Bijlage 55 26/04/2012
* Bijlage 56 01/09/2017
Bijlage 56 01/02/2011
* Bijlage 57 01/06/2016
* Bijlage 58 01/06/2016
* Bijlage 59 01/08/2017
* Bijlage 59bis 01/08/2017
* Bijlage 60 01/07/2022
Bijlage 60 01/04/2014
* Bijlage 60bis 01/07/2022
Bijlage 60bis 01/07/2008
* Bijlage 61 01/04/2014
* Bijlage 62 01/02/2018
Bijlage 62 01/02/2011
* Bijlage 62bis 01/03/2011
* Bijlage 62ter 01/03/2011
* Bijlage 63 01/09/2003
* Bijlage 64 01/01/2006
* Bijlage 65 01/01/2011
* Bijlage 66 01/09/2003
* Bijlage 67 01/09/2003
* Bijlage 68 01/01/2011
* Bijlage 69 01/09/2003
* Bijlage 70 01/09/2003
* Bijlage 71 01/01/2011
* Bijlage 72 01/01/2019
Bijlage 72 01/01/2011
* Bijlage 73 01/01/2019
Bijlage 73 01/01/2011
* Bijlage 74 01/06/2009
* Bijlage 75 01/10/2009
* Bijlage 76 01/10/2009
* Bijlage 77 01/03/2013
* Bijlage 78 12/10/2010
* Bijlage 79 12/10/2010
* Bijlage 80 01/01/2013
* Bijlage 81 01/06/2012
* Bijlage 82 01/02/2018
* Bijlage 83 01/07/2015
* Bijlage 84 01/03/2019
* Bijlage 85 01/02/2016
* Bijlage 86 01/02/2016
* Bijlage 87 01/04/2016
* Bijlage 88 01/06/2016
* Bijlage 89 08/03/2017
* Bijlage 90 01/01/2020
* Bijlage 91 01/01/2020
* Bijlage 92 01/06/2020
* Bijlage 92bis 01/06/2021
* Bijlage 93 01/04/2021
* Bijlage 94 01/03/2022
Bijlage 94 01/02/2021
* Bijlage 95 01/12/2022
* Bijlage 96 01/12/2022
* Bijlage 97 01/05/2023
* art31-3 art 20180101
* chpXV-1-art 32-1 tot 32-20 05/12/2021
chpXV-1-art 32-1 tot 32-20 12/08/2021