Koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.

Tableau synoptique des Modifications
Art. 10octies/2.
  Art. 10nonies.
  08/03/2010 [De wetenschappelijke afdeling van het Observatorium voor de chronische ziekten] is samengesteld uit:
  04/11/1998 een voorzitter;
  04/11/1998 zeven leden, artsen, gekozen uit de kandidaten voorgedragen door de Belgische universiteiten; elke universiteit heeft recht op één mandaat;
  19/07/2018 negen leden die de zorgverleners vertegenwoordigen, gekozen uit de kandidaten voorgedragen door de in het Verzekeringscomité vertegenwoordigde representatieve beroepsorganisaties, waarvan vier [artsen], twee huisartsen en twee specialisten, twee apothekers en drie vertegenwoordigers van de paramedisch medewerkers;
  04/11/1998 negen leden, gekozen uit de kandidaten die door de verzekeringsinstellingen voorgedragen worden; om de vertegenwoordiging van de verzekeringsinstellingen vast te stellen, wordt rekening gehouden met hun respectieve ledentallen; elke verzekeringsinstelling heeft ten minste recht op één mandaat;
  04/11/1998 twee leden, respectievelijk aangewezen door de Ministers die de Sociale zaken en de Volksgezondheid onder hun bevoegdheid hebben.
  08/03/2010 [zeven leden, huisartsen, gekozen uit de kandidaten voorgedragen door de Belgische universiteiten, elke universiteit heeft recht op één mandaat;]
  08/03/2010 [twee leden, gekozen uit de kandidaten voorgedragen door de representatieve beroepsorganisaties van de rust- en verzorgingstehuizen, de rustoorden voor bejaarden en de centra voor dagverzorging;]
  08/03/2010 [vier leden, gekozen uit de kandidaten voorgedragen door de representatieve beroepsorganisaties van de verpleegkundigen.]
  04/11/1998 De leden duiden de personen aan welke hun bij de uitoefening van hun mandaat kunnen vervangen, rekening houdend met de aard van de behandelde materie.
  04/11/1998 Op voorstel of na advies van het Comité kan de Minister die de Sociale zaken in zijn bevoegdheid heeft werkgroepen oprichten belast met het formuleren van voorstellen met betrekking tot een specifieke aandoening of een groep van specifieke aandoeningen. Aan deze werkgroepen kunnen ook vertegenwoordigers van de gemeenschappen of gewesten deelnemen."

Art. 10nonies/1.

Affichage pour impression