Installatie en toezicht op positieve drukbeademing via nasale weg met behulp van sonde of masker en kunstmatige beademingsapparatuur, die minstens continue endonasale drukmeting en bepaling van de FiO2 toelaat, onder continue bewaking van de oxygenatie, van de ventilatie en het hartritme : van dag 1e tot en met 28e, per dag